Waarom de Schrijfcarrousel werkt

 

De Schrijfcarrousel® is de eerste schrijftrainingsmethode in Nederland die de principes van Appreciative Inquiry benut. De methode maakt de kwaliteiten van deelnemers zichtbaar en brengt ze verder.

 

Het voordeel voor deelnemers: de lessen of trainingen in schrijfvaardigheid zijn leuker en effectiever.

 

Het voordeel voor de trainer of docent: lesgeven wordt nog veel gemakkelijker. 

 

Hoe komt dat? Doordat de Schrijfcarrousel is gestoeld op een aantal beproefde principes. We noemen hieronder de 10 belangrijkste.

 

1. De kwaliteit van gezelschapsspellen

Als je verliest bij Scrabble of Monopoly kun je dat altijd aan het toeval wijten. Bij Scrabble trek je blind nieuwe letters (en kun je dus net pech hebben) en bij Monopoly kan de dobbelsteen roet in het eten gooien (en kun je je verlies altijd wijten aan het toeval). Zo hoef je nooit gezichtsverlies te lijden en kun je, ook als het verlies veroorzaakt is door je eigen oenigheid, toch met opgeheven hoofd het strijdtoneel verlaten.

 

De Schrijfcarrousel® heeft ook een ingebouwd toevalselement. Twee zelfs. Ten eerste trekken deelnemers blind een opdrachtkaart en ten tweede hebben ze per kaart maar 10 minuten de tijd. Levert een kaart weinig op, dan kan een deelnemer dat altijd aan het toeval toeschrijven. 'Tja, net de verkeerde kaart getrokken.' Leidt de kaart niet tot verbetering, dan kan de deelnemer dat aan tijdgebrek wijten.

 

De Schrijfcarrousel® geeft de deelnemer de mogelijkheid om zelf te bepalen in hoeverre hij deze reflectie wil toelaten en wil delen. Het kan, maar het hoeft niet. Daarnaast heeft de trainer natuurlijk ook mogelijkheden om reflectie te bevorderen.

 

Die invloed is belangrijk. De meeste mensen hebben een vrij positief zelfbeeld. Ze vinden zichzelf competent en willen ook graag zo overkomen. Ze houden van uitdagingen maar beslist niet van gezichtsverlies. Sommigen gaan daarin ver. Zij verschijnen bijvoorbeeld met opzet te laat op een tentamen. Zakken ze, dan kunnen ze dat altijd daaraan toeschrijven. Dit noemen we zelfhandicapping.

 

De Schrijfcarrousel® maakt van het obstakel de oplossing. Deelnemers aan de Schrijfcarrousel® lijden geen gezichtsverlies, maar voelen zich juist competent. Dankzij het spelelement hoeven zij niet meer aan zelfhandicapping te doen. En blijft er dus meer energie over voor het schrijven zelf.

 

2. Korte feedbackcyclus

De Schrijfcarrousel® heeft een korte feedbackcyclus. Bij de klassieke variant van de Schrijfcarrousel® is na elke 10 minuten een opdracht afgerond en na 30 minuten gaan deelnemers met elkaar in groepjes de opdrachten en de resultaten van de opdrachten bespreken. En ook in de andere varianten (te lezen onder het kopje Methode) zitten voortdurend korte feedbackcycli ingebouwd.

 

Waarom zijn die korte feedbackcycli zo belangrijk? Schrijven is een buitengewoon complexe bezigheid. Eenvoudige vragen (is het 'product' of 'produkt') worden afgewisseld met ingewikkelde vragen (overtuig ik mijn lezer met dit argument). Door het schrijfproces op te delen in kleine stukjes kun je ervoor zorgen dat deelnemers hun eigen schrijfproces en dat van anderen beter kunnen volgen en effectievere feedback kunnen geven.

 

3. Variatie

Variatie maakt training niet alleen leuker. Het maakt het ook nog eens effectiever. De Schrijfcarrousel® zorgt ervoor dat afwisselend verschillende kwaliteiten van deelnemers worden aangesproken. Soms nauwkeurig een tekst checken op verwijsfouten, dan weer meer beeldend denken of juist meer gestructureerd werken. Dit sluit aan bij het werk van psycholoog Howard Gardner die betoogt dat er niet één soort intelligentie is, maar dat er veel vormen van zijn.

 

Dat variatie bij trainingen zo belangrijk is, daarover zijn psychologen en opleidingskundigen het eens. Leerstijlen van mensen variëren namelijk ook. De een leert bij voorkeur door een voorbeeld te zien, een ander door het zelf te doen, weer een ander door uitleg te krijgen of juist door anderen iets uit te leggen. Edgar Dale, David Kolb en anderen zijn het erover eens dat leerstof beter beklijft als die op meedere manieren wordt aangeboden. De Schrijfcarrousel® heeft veel leerstijlen geïncorporeerd en laat deelnemers er in sneltreinvaart doorheen gaan.

 

4. Vrijheid voor de docent

Op een zondagmiddag zat ik, Freerk Teunissen, in de achtertuin van mijn collega Miriam Kerver. Op tafel lag de Volkskrant met daarin een interview met hoogleraar Frits van Oostrom. Hij beweerde dat leraren Nederlands geen behoefte hebben aan dikke schrijfboeken, aan methodes die van minuut tot minuut voorschrijven hoe de les eruit moet zien. De vrijheid moet weer terug. De leraar moet weer waardering krijgen. 

 

De Schrijfcarrousel® biedt de leraar die vrijheid. De kaartenset is dunner dan welk boek ook. En iedereen kan de kaartenset naar eigen inzicht inzetten. Maar wat belangrijker is: de Schrijfcarrousel® schept ruimte. Zoals een deelnemer het verwoordde: 'Bij de schrijfcarrousel kan de 'goeroe' thuisblijven. Dat vind ik een verademing. Geen docent die met zijn tas vol schrijftrucs voor het publiek gaat staan, maar een methode die de creativiteit juist bij de cursisten zelf prikkelt en hun ervaring gebruikt en verbindt.' De leraar of trainer kan, als hij daarvoor kiest, zich meer opstellen als facilitator dan als docent (maar hij kan natuurlijk ook doceren als hij dat zou willen).

 

5. De deelnemer krijgt invloed

Psycholoog Mihalyi Csikzentmihalyi ontdekte dat mensen vooral gelukkig zijn als de uitdaging waarvoor ze gesteld zijn, overeenkomt met hun vaardigheden. Dit noemde hij flow.

 

Ook leren is in verband te brengen met flow. Mensen met minder vaardigheden kunnen minder grote uitdagingen aan. Wie meer vaardigheden heeft, kan meer uitdagingen aan. Als er sprake is van veel uitdaging en weinig vaardigheden, dan kunnen er frustratie en angst optreden. Beschikt iemand over veel vaardigheden en is er weinig uitdaging, dan ligt verveling op de loer.

 

Als je de theorie van Csikzentmihalyi volgt dan leren mensen vooral als ze af en toe flow ervaren (dat levert gevoelens op van tevredenheid, plezier en geluk) en als ze af en toe met mate de grenzen opzoeken. Als ze iets doen dat net te moeilijk of net te makkelijk is. 

 

Doordat de Schrijfcarrousel® variatie tot grondbeginsel heeft gemaakt, is het makkelijk voor deelnemers om invloed uit te oefenen op de mate waarin ze zich laten uitdagen. Je kunt ervoor kiezen om juist meer aandacht te besteden aan die onderdelen die je al tot in de puntjes beheerst en je kunt er ook voor kiezen om juist meer de focus te leggen op onderdelen die nieuw zijn voor je. Deelnemers kunnen flow opzoeken.

 

6. Een creatieve leeromgeving

De Schrijfcarrousel® is erop gericht om een effectieve leeromgeving te creëren. Een setting waarbij deelnemers zelf op onderzoek uitgaan. En dat dat bijzondere effecten kan hebben toont het werk van hoogleraar Sugatra Mitra. Zijn projecten  tonen dat zelfs in de afwezigheid van een leraar, 'an environment that stimulates curiosity can cause learning through self-instruction and peer-shared knowledge.' En dat is precies wat de Schrijfcarrousel® doet. Het zelflerend vermogen van individuen en groepen aanboren.

 

7. Schrijfvaardigheid trainen: één ding tegelijk

Sinds het onderzoek van Linda Flower en John Hayes weten we dat effectief schrijven betekent dat je het schrijfproces moet kunnen opdelen in deeltaken. Je kunt niet alles tegelijk doen. Daarvoor is schrijven een te complexe bezigheid. Je kunt niet tegelijk de spelling checken, je argumenten kiezen, je inleven in je lezer. De Schrijfcarrousel® nodigt deelnemers uit om zich telkens voor de duur van 10 minuten maar op één ding te contrereren. Daardoor wordt een vaardigheid die voor schrijven belangrijk is, terloops getraind. De schrijftaak opdelen in deeltaken.

 

8. Schrijfvaardigheid: bewust en onbewust

Overigens valt er over het schrijfproces nog wel meer te zeggen. In ons eigen onderzoek hebben we betoogd dat effectief schrijven betekent dat het schrijfproces afwisselend wordt aangepakt. Soms bekijk je het geheel, soms onderdelen; meestal werk je bewust aan je tekst, soms bijna onbewust.

 

Voor ons onderzoek lieten we proefpersonen teksten schrijven die later door andere lezers werden beoordeeld. De helft van de proefpersonen werkte onafgebroken aan de tekst, de andere helft maakte tussentijds een sudokupuzzeltje. De teksten van deze laatste groep werden het hoogst gewaardeerd. Hoger dan de teksten van de proefpersonen die slechts op één manier aan hun tekst hadden gewerkt. De Schrijfcarrousel® zorgt ervoor dat deelnemers op verschillende manieren met hun tekst bezig zijn.

 

9. Het goede voorbeeld

Stel dat een trainer zich alleen richt op de inhoud van zijn training. Hij heeft precies omschreven welke vaardigheden hij wil overbrengen. Hij weet ook hoe hij kan meten of deelnemers zich die vaaridgheden eigen hebben gemaakt. Wat doet hij dan eigenlijk? Hij neemt zijn eigen werk als maatstaf en kijkt vervolgens wie eraan voldoet en wie niet.

 

Stel nou eens dat deelnemers aan een training niet zozeer kijken naar de inhoud van de training en naar de vaardigheden. Stel nou eens dat ze het patroon van de trainer overnemen, wat gebeurt er dan? Dan gaan ze kritisch kijken naar de trainer en dan gaan ze beoordelen of hij wel aan hun standaard voldoet.

 

De trainer kan het goede voorbeeld geven. Hij kan af en toe kritisch naar de deelnemers kijken. Hij kan zich goed bewust zijn van de vaardigheden die hij wil overbrengen, hij kan weten hoe hij ze overbrengt en hoe hij meet of dat gelukt is. En tegelijkertijd kan hij oog hebben voor de kwaliteiten van de deelnemers. Als hij dat doet, geeft hij het goede voorbeeld en nodigt hij deelnemers onbewust uit hetzelfde te doen. Een balans vinden tussen kritisch naar een ander kijken en je laten inspireren.

 

Bij de Schrijfcarrousel vinden trainers en deelnemers gemakkelijker de balans. Al in het ontwerp zitten momenten om kritisch te kijken en momenten om juist naar kwaliteiten van anderen te kijken, en momenten om je bewust te worden van eigen kwaliteiten en valkuilen. Balans. Precies volgens de principes van David Cooperriders Appreciative Inquiry: kies voor kwaliteit

 

10. Goede ideeën

In zijn boek On Writing schrijft bestsellerauteur Stephen King dat goede ideeën combinaties van andere ideeën zijn. Het concept van de Schrijfcarrousel® is een combinatie van veel goede ideeën. We noemen er hier een paar.

 

Al vroeg in zijn trainerscarrière las Freerk Teunissen in het standaardwerk Training als beroep van Frank Oomkes de tip om een database van werkvormen bij te houden. Dat idee heeft een centrale plek gekregen in het concept van de Schrijfcarrousel®. Van Youtube is het idee afkomstig om iedereen te laten bijdragen en van Tekstblog om bijdragen wel eerst te checken alvorens ze op het internet te zetten.

 

We zijn Karin de Galan dankbaar omdat ze heeft laten zien dat je kennis ruimhartig kunt delen. Op haar website zie je de kennis die ze in trainingen overbrengt in beeld. Van David Cooperrider is het idee om te focussen op kwaliteit. Sugatra Mitra heeft ons geïnspireerd met zijn idee dat je met minimale middelen het zelflerend vermogen van mensen optimaal kunt aanspreken. En uiteraard hebben we ook het een en ander van onszelf toegevoegd.